Home een initiatief van Familiezorg West-Vlaanderen vzw  



 

ECK 'de wieg': een BORSTVOEDINGSVRIENDELIJKE ORGANISATIE


Tepel / speenverwarring: het gebruik van een fopspeen of flesje

Het zuigen aan een flesje of aan een fopspeentje vraagt een totaal andere techniek dan het zuigen aan de borst. De baby moet het speentje niet zo diep in de mond nemen en hij maakt een andere beweging met zijn mondje.

Het gebruik van een speentje in de eerste weken van de borstvoeding kan een negatief effect hebben op de borstvoeding.

Uit onderzoek blijkt dat de baby dan minder efficiënt aan de borst zuigt .Hij ‘verleert ‘ als het ware het goed zuigen.Hierdoor daalt de melkproductie en wordt de baby minder frequent aangelegd waardoor de kans groter wordt dat de moeder vroegtijdig stopt met borstvoeding geven. Het risico op tepel/speenverwarring is het grootst in de eerste 3 a 6 weken .

Daarom wordt er aanbevolen om :

  • Geen fopspeen en flesje aan te bieden de eerste 4 weken.
  • De fopspeen alleen aan te bieden na de voeding en niet om de voeding uit te stellen
  • Bijvoeding in de eerste 6 weken te geven met een 'cupje' , lepeltje, ...
  • Pas te starten na 6 weken met het oefenen aan de fles.

Bij tepelproblemen (pijn, kloven), bij twijfel, of als je baby de juiste zuigtechniek nog niet onder de knie heeft, of voor meer uitleg en advies, kan je steeds terecht bij de borstvoedingsdeskundigen!


|

Laatste wijziging:
23/01/2012